Translate

Choose your language

Choose your language

Het weer op Bali


Een Cheetah in Kruger National Park
THE WEATHER ON BALI

Wie zijn wij?

Wie zijn wij?
Wij zijn Henk en Jacqueline en wonen sinds 2012 op Bali. Wij gaan graag op ontdekkingsreis in en buiten Indonesie.

Welkom op ons blog

Welkom op ons blog

Aantal pageviews t/m vandaag

Aantal pageviews t/m vandaag

Totaal aantal pageviews t/m vandaag

Hot news

Een mijlpaal: Woensdag 23 december 2020
300.000 vieuws.

Translate our blog in your language

zaterdag 13 mei 2023

De Rafflesia

Dag 16, zaterdag 13 mei.

Sumatra


Ook mij heeft het verkoudheidsvirus me in de nek gegrepen. Het kon ook eigenlijk niet anders. Twee volle dagen in de auto met de AC aan. Zonder AC is het bijna niet te doen. Dus vanmorgen werden er twee snotneuzen wakker. Maar we gaan gewoon verder met het ontdekken van Sumatra. De kamer is prima met een heerlijk bed. Nou weten we wel als een mens moe is dan slaapt elk bed lekker maar deze is echt lekker. Na de warme douche naar het ontbijt. De ontbijttafel staat in de zon en dat is het niet. Het is zeer karig. In de broodtrommel zitten een aantal witte sneetjes. Verder op tafel de broodrooster waarvan de rechter en de linker van de vier openingen koud blijven. De middelste twee roosteren goed. Er staan ook nog drie potjes met jam, pindakaas en chocoladepasta. Doordat het in de zon staat loopt de inhoud van de potjes bijna van tafel, gelukkig zit er een deksel op. De keukenmevrouw vraagt of we een eitje wensen. “Nou een spiegeleitje aan één kant….heerlijk”. En ze bakte ze prima, precies zoals ze moeten zijn. We eten nog wat fruit en drinken onze thee op. Inmiddels is Roni aangeschoven. Die hebben we uitgenodigd om te vertellen wat we met hem kunnen gaan doen want we hebben een klein lijstje. Hij wees ons ook erop dat de Rafflesia momenteel in bloei staat. Dit is een parasitaire plant die niet vaak geopend is. Deze bloem is te vinden vrij diep in het regenwoud. We kunnen er vanmiddag een hike naar toe maken. Ze zeggen dat het niet moeilijk is dus doen het. We gaan de uitdaging aan want lopen in de jungle is altijd lastig. 

Roni en een andere vriend de Gojekker (motortaxi) nemen ons mee achterop de motor en laten ons mooie plekjes zien zoals de Puncak Taruko. Wat een prachtig landschap. Na het toertje zetten ze ons af op het plein in het centrum van Bukittinggi met de Clock Tower, gebouwd door Nederlanders. Op het oorspronkelijke dak stond een haan die naar het oosten keek. We lopen wat rond en kopen een rolletje rekverband want Jacqueline heeft nog steeds last van haar pols die tijdens haar val op Pulau Weh gekwetst is. We lopen nog wel naar de bijzondere loopbrug Jambatan Limpateh. Maar nu is het echt goed geweest en nemen een Gojek terug naar de lodge voor RP 11.000= 70 cent en daar gaan wij dat steile rotstuk niet voor lopen. Als lunch eten we nasi goreng uit de warung.

Het is 14.00 uur en Roni  met zijn maatje Jaka komen eraan. We gaan naar de jungle. De echte jungle. Op zoek naar de Rafflesia. Na een uurtje rijden worden we afgezet in een kampung. Een man, de Rafflesiahoeder, die dit gebied op zijn duimpje kent gaat ons voor. Hij gaat er elke dag naar toe om te kijken hoe ie ervoor staat.

De Rafflesia is een geslacht van parasitaire bloemplanten. Het geslacht bestaat uit 15 tot 19 soorten. De planten hebben geen bladeren en bijna geen stengel. Hij geurt naar een rottend vlees om vliegen aan te trekken die voor bestuiving zorgen. Het duurt negen maanden voor dat ie in bloei staat en bloeit 7 dagen. De plant waar we naar toe hiken bloeit nu drie dagen dus over vier dagen sterft ie af. We gaan op pad. De eerste paar honderd meter zijn eenvoudig en vlak over een betonnen pad langs de rijstvelden. En dan gaat het beginnen. Eerst vlak en droog en dan gaat het omhoog. Jacqueline gaat het al lastig krijgen. We moeten over beekjes en het gaat verder omhoog en het wordt gladder. Het wordt steeds lastiger en Jacqueline moet afhaken. Zij blijft achter op een steen bij een stroompje. Ik ga verder met de gids omhoog. Allemachtig erg steil en ook erg glad omhoog. Ik moet me aan lianen en andere boomtakken omhoog trekken. En dan glijdt ik uit en donder ik een paar meter naar beneden. Ik blijf achter een boom hangen. De gids trekt me weer op de been en we klimmen samen omhoog. Het laatste stuk is erg steil en voor mij toch een grote uitdaging maar opgeven doe ik niet. En dan ineens zien we de plant op een steile bijna onbereikbare plek. En toch klimmen we er naar toe. De gids heeft er geen moeite mee op zijn teenslippertjes, ongelofelijk, maar ik ben erg senang dat ik naast de bloem ben. Hij is prachtig en het is heel bijzonder daar te zijn. Ik heb alles nodig om te blijven staan omdat het vreselijk steil en glad is. We maken foto’s en een filmpje en zakken weer af. Toch heel mooi dat dat lukt met de smartphone. Ook niet eenvoudig omdat het glibberig is maar het lukt. Omhoog is een ding maar naar beneden ook. We dalen voorzichtig af en zien Jacqueline weer. Vanaf dit punt zijn we weer met zijn drietjes en hiken we naar de kampung. Daar zitten Roni en zijn maatje te wachten. Volledig doorgezweten en vermoeid zakken we in een stoel. We krijgen thee met koekjes en we kletsen heel gezellig met iedereen van de familie. Het is mooi geweest en we gaan weer terug naar Bukittinggi waar we om half zeven weer op de klep van de lodge vallen. Het is een prachtige en ook bijzondere dag mede omdat we het geluk hadden dat de Rafflesia in in bloei staat. Morgen een dag om de snotneuzen rust te geven dus zullen we niet aktief zijn. Maandag gaan we weer op pad met Roni en Jaka.



















vrijdag 12 mei 2023

Purba

Dag 15, vrijdag12 mei

Vandaag gaan we verder naar Bukittinggi. We hebben met chauffeur Putra afgesproken om half acht na het ontbijt te vertrekken want we hebben een lange weg te gaan. Het hotel en ontbijt is basic maar dat wisten we omdat het alleen is om te douchen en te slapen. 

Het wordt een dag van door dorpen en nederzettingen langs het regenwoud. We gaan rijden. In het centrum van Padang Sidempuan stoppen we even want we willen graag de bijzondere becaks zien. Hier alleen in geheel Indonesië zijn deze becaks gemotoriseerd met een oude Vespa met een klein bakkie eraan gelast. Ik probeer er niet in te gaan zitten want dat gaat me met mijn lange stramme lijf nooit lukken. We nemen wat foto’s en vervolgen onze weg. We duiken slingerend het regenwoud in totdat we aan een prachtig vergezicht komen. Putra stopt en rijdt gelijk weer door zonder dat we een foto kunnen nemen van de mystieke jungle. Het is prachtig. Ik vraag hem waarom hij doorrijdt? “Hier ligt veel afval” is zijn antwoord. Hij schaamt zich zeker voor de troep maar wij zijn echt wel wat gewend en die rotzooi fotograferen we toch niet. We merken wel dat hij er steeds vanuit gaat dat we uit Holland komen en dat we niks van Indonesië weten terwijl hij weet dat wij op Bali wonen en de taal spreken. Hij is een prima chauffeur en een fijne kerel maar gaat wel een beetje op de automatisch piloot. Hij kan beter met ons in het Bahassa praten dan dat halfbakken Engels wat hij naar buiten slingert. Hij is puur gefocust op Hollanders die rechtstreeks uit Holland komen en hij luistert niet goed naar ons al we iets vragen. Hij doet heel erg zijn best maar blijft volharden in het onverstaanbare Engels. Als we het echt niet verstaan dan knikken we en gaan verder met naar buiten kijken. We vergapen ons aan de prachtig natuur. De weg slingert parallel aan de snel stromende rivier. We rijden door diverse dorpen waar van alles is te zien mede omdat er ook markt is. De weg is prima begaanbaar met goed asfalt. Dit valt ons enorm mee. We kunnen best concluderen dat de wegen hier beter zijn dan op Bali. En dat is toch enigszins verrassend. We komen aan in Purba en dit is een bijzondere plaats. Hier bevindt zich een school met meer dan 2.000 leerlingen die een 6-jarige studie van moslimonderwijs Purba genieten (vandaar de naam Purba). De jongens bivakkeren in kleine hutjes aan de rivier die tevens dienst doet als wasplaats en toilet. De meisjes wonen in grote stenen gebouwen met andere, wellicht betere faciliteiten. Na 6 maanden gaan ze 1 week naar huis en komen dan weer terug voor een half jaar. En dat gedurende 6 jaar. Sommigen worden gepusht door de ouders om op deze school te gaan maar er zijn ook kinderen die vrijwillig hier willen studeren. Ze leren hier de Koran van achter tot voor. We gaan verder en verlaten Noord-Sumatra en komen bij het regentschap Panti. Maar eerst wat eten. Goede nasi goreng….ander voedsel hebben ze niet. We zitten inmiddels al 5 uur in de auto na 185 km. Na nog een uur rijden, onderweg nog steeds regenwoud, passeren we de evenaar. We stoppen om dit met een kiekje vast te leggen. Nadat we de opdringerige t-shirtverkoper hebben afgeschud hebben we nog 60 km te gaan naar Bukittinggi. Daar komen we aan om 19.00 uur. We parkeren de auto op de aangegeven parkeerplaats van Padi Ecologe. De receptie is nergens te bekennen. Het lange wandelpad naar de accomodatie begint verderop maar het staat niet aangegeven of we zien het over het hoofd door de donkerte. We lopen het onverlichte pad op en één van de medewerkers komt ons tegemoet met zijn motor om één van de koffertjes mee te nemen. Wij en Putra lopen verder en komen bij de Ecolodge. We gaan naar de kamer die een fantastisch uitzicht moet hebben. Of dat zo is zullen we morgen zien want nu kijken we in een donker gat. We nemen afscheid van Putra en bedanken hem voor het goede rijden. We zijn moe. We nemen een douche en gaan rusten. 

Morgen gaan we aan de wandel.

Vespa becaks in Padang Sidempuang
vakmanschap




de schoolbus


Purba


het mystieke regenwoud
we verlaten Noord Sumatra
op de evenaar
in de kruidentuin


de avond valt als we in Bukittinggi zijn.


donderdag 11 mei 2023

Ombus ombus

Dag 14, donderdag 11 mei

De dag kriekt om 06.00 uur maar wij zijn al om 05.00 uur wakker. De rustdag heeft ons goed gedaan.De reisbatterij is weer opgeladen. We pakken onze koffertjes weer in want om half 8 na het lekkere ontbijt komt de boot ons ophalen bij de steiger van het hotel. Met enige vertraging gaan we op de boot en varen we naar Parapat aan de overkant. We zijn er om 09.00 uur. Daar staat onze chauffeur Putra ons al op te wachten. We stappen in en vertrekken naar Padang Sidempuan. Maar eerst even langs de flappentap ATM. Met weer voldoende rode flappen in de knip vervolgen we onze reis. We hebben nog 220 km voor de boeg en dat is ongeveer 6 uur rijden. Bij de plaats Balige kijken we één keer naar rechts voor een laatste blik op het Tobameer. In Siborong Borong kopen we de snack Ombus Ombus. Deze worden verkocht door verkopers op de fiets met een bakkie achterop. Deze warme lekkernij bestaat hoofdzakeljk uit kokos gewikkeld in een bananenblad. Erg lekker. 30 km verderop bij de stad Tarutung verlaten we het batakdistrict en komen we gelijdelijk terecht in een gebied waar hoofdzakelijk moslims wonen.

Dit zal onze verdere reis zo blijven want Bukittingg en Padang in West Sumatra zijn 100% moslimbolwerken dus krijgen we weer te maken met de moskee om half 5 in de ochtend.

Onze eerste stop is na 100 km bij de warmwaterbron Edelweis (Jodolohiti) in Sipoholon. We strekken de benen en snuiven de zwavel op van de prachtig gelegen bron. Nu is er niemand maar in de avond komen vele families hier badderen omdat het zo gezond is. Na wat kiekjes met de dame van het bad gaan we weer want we hebben nog heel wat kilometers voor de boeg. We nemen de meest gangbare en kortste weg via Sipirok maar we vragen aan een truckchauffeur of de weg nog oke is en wat blijkt…deze route is geblokkeerd door een aardverschuiving. Dit betekent dat we gedwongen worden een andere weg te nemen. Deze weg is op Sumatra bekend of berucht als de weg door de jungle met 400 bochten. Nou heb je al gauw de neiging om te denken…”dat zal wel meevallen met het aantal”. Nou we hebben ze niet geteld maar het waren er wel heel veel. Het is draaien en keren. We zien voor het laatst bij een Rumah Makan (eethuis) een bordje hangen met B1 en B2. Dit betekent dat je hier Anjing (hond) Pangang (B1) en Babi Pangang (B2) kan eten. Wij eten hier niet maar wel in één van de laatste eettentjes aan deze weg

Suddereend met groente en witte rijst. Het stuk eend is meer bot en vel dan vlees. Geen hoogstandje maar de magen zijn weer enigszins gevuld. Aan het einde van deze weg door de jungle komen we bij de kustweg naar Sibolga. Het is nu nog 90 km naar onze hotelstop in Padang Sidempuan ware het niet dat we weer een wegomlegging wegens een aardverschuiving tegenkomen. Dit betekent 20 km omrijden en het wordt steeds drukker op de weg. 90% rijdt hier zonder helm en vaak met oude motoren zonder nummerplaat en dat betekent dat ze geen wegenbelasting betalen. We hebben vandaag de gehele rit geen politie gezien in tegenstelling tot op Bali maar die doen niet veel dus is er weinig verschil. De vele motorbecaks maken de kleine chaos compleet. We zijn wel wat gewend op Bali maar op Sumatra is het toch erger. Maar goed onze Putra rijdt veilig en attent en dat geeft ons een goed gevoel. We zijn bij het PIA Hotel in Padang Sidempuan om 18.30 uur. Het was een vermoeiende dag, vooral voor Jacqueline die met een stevige verkoudheid kampt. Mijn maag is weer helemaal op orde maar er hangt nu wel een bordje aan “geen kip”. Nog wat eten en badderen en dan lekker slapen want morgen hebben we een rit van 300 km (8 uur zonder stops) naar Bukittinggi. En hopelijk een rit met mooie stops en zonder blokkades en wegomleggingen maar dat weet je nooit in dit mooie land.
















woensdag 10 mei 2023

Slechte kip

Dag 13, woensdag 10 mei

Sumatra


Wonen en reizen in Indonesië betekent ook dat je altijd een risico loopt als je een gerecht eet met kip. Gisterenmiddag heb ik een bordje rijst met een stuk kip gegeten in Tomok. Het was erg lekker todat de avond aanbrak. Mij maag begon zich te roeren alsof ik een ballon…een ballonnetje had ingeslikt. Het zweet brak me uit en mijn conditie ging achteruit. Ik heb gelijk aktie ondernomen door de inhoud met mijn wijs-en middelvinger naar de uitgang te dirigeren. Het heeft een aantal uren geduurd voordat ik het gevoel had dat er verbetering aan zat te komen. Jacqueline begon ook te snotteren en is inmiddels goed verkouden. Dit zal zijn oorzaak hebben in het aircogebruik. Maar zonder AC is het s’nachts te warm om lekker te kunnen slapen. We hebben vandaag een volledig rustdag en we doen helemaal niets behalve veel slapen en proberen ons gestel weer in de juiste reisconditie te krijgen. En dat gaat zeker lukken. Morgen gaan we van Noord Sumatra naar West Sumatra. Eerst met de boot terug naar Parapat en dan in twee dagen met de auto naar Bukittinggi. Dat is een dikke 500 km., 14 uur rijden als de wegen meevallen maar dat is in Indonesië geen zekerheidje. We zitten nu in fijne accomodatie, het is alleen jammer dat de tuinvrouw de gehele dag aan het knippen en het schrapen is en dat er bouwvakkers aan het hakken zijn maar zij moeten uiteraard ook hun werk doen. So, no problem.