Your language

Translate our blog in your language (selecteerd een taal)

Het weer op Bali

Wie zijn wij?

Wie zijn wij?
Wij zijn Henk en Jacqueline en wonen sinds 2012 op Bali. Wij gaan graag op ontdekkingsreis in Indonesie en andere landen in Azie

Welkom op ons blog

Welkom op ons blog

Choose your language, Google translate on the left side

Translate our blog in your language

Aantal pageviews t/m vandaag

Aantal pageviews t/m vandaag

Totaal aantal pageviews t/m vandaag

Hot news

Een mijlpaal: Woensdag 23 december 2020
300.000 vieuws.

Translate our blog in your language

Posts tonen met het label weekendcolumn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label weekendcolumn. Alle posts tonen

zondag 28 december 2025

After Korea

Onze reis over het zuidelijke deel van het schiereiland Korea was prachtig. En als je reist gaat de tijd nog sneller zo lijkt het. We zijn weervterug in het Balinese leven. En dat betekent ook dat het klimaat warm en zweterig is in tegenstelling tot Zuid Korea waar de winter haar eerste sporen heeft laten zien. In Seoul al sneeuw en verder in het land rond het vriespunt met een helder blauwe lucht en dat is genieten. 

Het is weer even geleden, om precies te zijn 5 november, dat ik een ommetje heb gemaakt in de omgeving van Sumbersari. Vandaag heb ik de wandeldraad weer opgepakt na een maand in het mooie en bijzondere Zuid Korea waar we het begin van de winter meemaakten.  Het was dus vandaag weer wennen aan de warmte met een hoge luchtvochtigheid. De benen wilden graag maar het lijf moest duidelijk weer wennen aan de warmte dus heb ik het bij een dikke 13 km gelaten. De natuur zoals altijd prachtig en de mensen ook zoals altijd erg vriendelijk. Men gaat met plezier op de foto en dat in tegenstelking tot de Koreanen die meestal de fotovraag afwijzen. En dat deden we uiteraard met respect.








maandag 29 februari 2016

bier en arak

Afgelopen week zag ik een reportage over een eventuele drooglegging van Indonesië.  Deze discussie is al enige maanden aan de gang maar nu hebben twee moslim-politieke partijen een wetsvoorstel ingediend om alcoholverkoop- en gebruik volledig te verbieden. De reden die wordt aangegeven is dat de jeugd teveel alcohol drinkt en die moet daartegen worden beschermd.  Een moslim mag per slot van rekening geen alcohol nuttigen. Inmiddels is de verkoop van drank in grote delen van Indonesië al verboden in de warungs en kleine winkels. Alleen in de grote supermarkten is nog alcohol verkrijgbaar. De grootste belemmering is dat zeker op Bali het toerisme massaal zijn biertje drinkt. Daarom hebben ze Bali opgedeeld in regio’s waar wel bier geschonken mag worden en waar niet. Als er van toerisme geen sprake is dan is bier bijna niet verkrijgbaar. Wij wonen in het niet toeristische westen. Hier is alleen bij de grote supermarkt Hardys de drank, voor thuisgebruik, verkrijgbaar. Een biertje bij het eten in de warung is er niet meer bij.  Het biermerk Bintang is een volle dochter van Heineken. Bintang zal de drooglegging niet gaan overleven want het is een merk alleen voor de Indonesische markt. Het zal het einde gaan betekenen voor deze fabriek en zijn werknemers. 

Op Bali zijn de economische belangen erg groot en anders dan bijv. op Java omdat het toerisme de belangrijkste bron van inkomsten is. En daarom is er in bijv. Kuta en Sanur het bier volop verkrijgbaar in bars, discotheken en restaurants maar ook in de kleine winkels. De prijs van een blikje of flesje bier is rond de RP 16.000 en dat is iets meer dan een euro. Voor de lokale bevolking nog steeds veel geld. En dat de moslims geen bier drinken is klinkklare onzin want biedt het maar aan en ze drinken het graag op. Omdat het bier duur is wordt er volop arak gestookt. Deze illegale sterke drank wordt steeds meer genuttigd en dat vooral door de jeugd. Het is levensgevaarlijk spul omdat het gestookt wordt met o.a. methanol en insektenverdelger. Pas geleden zijn er in Jakarta nog 17 mensen overleden door het drinken van foute arak. 
op de onderste plank de benzine en op de bovenste de arak
Twee jaar geleden hebben wij gereisd over de kleine Sunda Eilanden. Eén van deze eilanden is Flores. Dit prachtige eiland staat bekend om zijn “goede” arak. Overal langs de weg staan stalletjes met flessen illegaal gestookte arak (wit) naast de flessen benzine (geel). Dit bocht is niet meer weg te denken uit de cultuur van dit prachtige land. Als Indonesië echt wordt drooggelegd dan betekent dit de absolute doodsteek voor het toerisme. Het is toch ondenkbaar: luieren op het strand zonder een fles Bintang. De Australiërs en Europeanen zullen massaal wegblijven. Veel minder werkgelegenheid betekent minder inkomsten en daarom zal de lokale bevolking nog meer zijn weg gaan zoeken in het stoken van arak. Want drinken is hetzelfde als motorrijden…ze zullen het altijd blijven doen. Lege hotels, lege bierflesjes, lege stranden, lege broekzakken, .…..eigenlijk ondenkbaar op Bali. Maar de moslim regering in Jakarta gaat er wellicht toch de realiteit van maken.  Laten we met zijn allen maar hopen dat ze tot inkeer komen en dat dit desastreuze voorstel van tafel wordt geveegd.

vrijdag 7 november 2014

Stroming


De omgeving en de natuur bepaalt wat er staat te gebeuren of wat er al gebeurt is. Momenteel zitten wij op Bali in de droge periode. Een erg droge periode. We hebben hebben het nog niet meegemaakt maar de waterputten vallen droog en bijna iedereen in het dorp heeft te weinig water. Een kwartiertje badderen kan nog maar de plantjes water geven dat zit er even niet. We zitten met smart te wachten op het hemelvocht wat ongetwijfeld met bakken gaat komen. De regentijd zit er aan te komen en dat betekent veel zweten en weinig doen. De riviertjes gevuld met afval, veel afval, staan ook droog. Gaat het regenen en de zwaar vervuilde geulen vullen zich met water dan stroomt alle narigheid richting zee. Komt de stroming vanuit Java dan zijn wij in Yehkuning weer aan de beurt. Het strand zal dan weer bezaaid zijn met veel plastic en andere rommel. De grootste fout welke is gemaakt is het gebruik van plastic in landen zoals Indonesië. Ook voor het eiland waar wij leven hadden ze die troep nooit mogen uitvinden. Hoe ermee om te gaan weten ze erg goed maar wat doe je als je het niet meer nodig hebt in deze "laat maar vallen cultuur"? Juist ja...gewoon zo snel mogelijk en het liefst ook zo dicht mogelijk bij huis wegflikkeren. De natuur (de zee) bepaalt dan wel wie de troep gaat ontvangen. Dagelijks kuier ik met de hond over het strand. En dan zie ik vaak ook naast het al het plastic ook aangespoelde stukken touw. Ik denk dan direct aan de verbinding want touw is toch een materiaal wat iets bij elkaar behoort te houden. Die stukken touw geeft aan dat het losgeslagen is. Dat "het" kunnen goederen of en schip zijn maar het kan ook de mens zijn. Ik doe het liever niet maar ik ontkom er niet aan om de artikelen te lezen over hetgeen wat er in Syrie en Irak gebeurt. Daar heerst ook een stroming. Een losgeslagen stroming met bedekte gezichten die onschuldige mensen onthoofd. De zeestroming bepaalt ook wie het mag opruimen. Ik zie het dagelijks: men stort de troep op het strand en wacht op hoog water. De stroming neemt het dan weer mee terug. Lekker gemakkelijk en het kost niks. Zodoende bepaalt een politieke stroming wie dat opruimgeld in zijn zak kan steken. In deze is corruptie heel eenvoudig omdat de zeestroming het probleem van de politieke stroming wel oplost. We zien het zo vaak dat ook hier het gemeentegeld op een foute manier wordt besteed. Eerst zoveel mogelijk personeel met het pensioen in het verschiet, aan het werk houden. Of er voldoende werk is, is niet belangrijk want er zijn genoeg stoelen om op te zitten. Zijn ze toch allemaal bezet dan sloft men heen en weer totdat er iemand buikkrampen krijgt en zijn stoel moet verlaten richting het kleine kamertje. Trouwens...in veel gelegenheden ook geen pretje. Opgestaan ....plaatsje vergaan! Dan komen de tempels aan de beurt want dat is de status van het dorp. Als er dan nog wat geld over is dan wordt het één jaar oude gat in de weg gerepareerd met wat vloeibare teer en steenslag. Dat is beter dan nog langer dat gat dagelijks te moeten ontwijken. Ontwijken is trouwens de vaardigheid nummer 1 die men aanleert in het verkeer. Maar daarover later meer. 
gooi maar neer...de zee neemt het wel weer mee naar???
een aangespoeld stuk touw....losgeslagen zoals die stroming in Syrië en Irak.
de natuur is gortdroog...onze waterput bijna leeg...laat de regentijd maar komen

zaterdag 20 september 2014

De brommer

Vroeger…wat is vroeger…zo’n 40 jaar geleden! We reden bijna allemaal vanaf ons zestiende op een brommer. Als je erbij wilde horen dan reed je op een Kreidler (model Floret) Zündapp KS50 of de éénzitter Puch met hoog stuur waarbij de passagier zich goed vast moest klemmen anders kieperde hij of vooral zij bij de eerste prop gas eraf. 
de Kreidler Floret
de Zündapp
Reed je op de Mobilette van je zus dan werd je uitgelachen. Want dat was een damesbrommer, een automaatje en die was helemaal niet zo stoer. 
Tegenwoodig rijdt Jan en Alleman op zo ééntje zonder te schakelen. Je hoorde te schakelen en ook op te voeren want 40 km per uur was te weinig. Een uitgevijlde cilinderkop, grotere carburateur en expansieuitlaat hoorde erbij. En dan reden we tussen de 60 en 80 km per uur. In die tijd ook nog zonder helm want die werd verplicht vanaf het jaar 1975. De voorkeur van het merk brommer had ook wel te maken met de muziekvoorkeur. Waren het de Rolling Stones of The Beatles. Was je meer vanbde rokerige sociëteit dan reed je op een Puchie met hoog stuur. Ik reed zelf ook op een Puch maar niet zo eentje maar meer een “look a like” van de Zündapp en de Kreidler. 
het bekende Puchie
Ik mocht rijden op een tweedehands, zo’n ander model Puch maar dat had te maken met de grootte van de portemonnee van mijn vader. Hij kon voor mij geen brommer betalen dus dan maar sparen via een vakantiebaantje en dat bracht te weinig op voor een nieuwe. Dus werd het een incourant goedkoop modelletje. Dus kon ik toch op de brommer naar de kroeg, school en en het eerste baantje.
mijn Puch alleen was ie paars

Op Bali rijdt bijna iedereen op een “Sespeda motor”. Standaard rijden ze 80 km per uur en dus niet vergelijkbaar met “onze” brommer. Het merendeel is automaat en wordt dan ook wel “sekuter” genoemd. Hier rijden op een motor heeft  te maken met het imago. Heb je niks te makken dan is de status toch belangrijk.  Zeker bij de jeugd. Wil je erbij horen dan dien je te rijden op een Honda Vario. 
de Honda Vario 
Rondscheuren op een gelijkwaardige Yamaha of Suzuki is toch minder. En het liefst met het allernieuwste model. Daarom rijdt bijna iedereen op een gefinancierd exemplaar. Kopen op krediet is een onderdeel van de Balainese cultuur. Hoe gek het ook klinkt…iedereen leeft hier met schulden. Ze zijn allemaal opgerold door deze geldsneeuwbal en komen er nooit meer uit. De gemotoriseerde tweewielers worden bij bosjes aangeboden omdat iedereen na twee jaar wil verkopen om zodoende met de opbrengst weer de aanbetaling te kunnen doen voor het allernieuwste model met het allernieuwste krediet! 
het aanbod van de gebruikten is erg groot
De oudere generatie is minder kritisch en rijd op alles wat maar vooruit komt. Het merk?? Och niet belangrijk. En veelal op een schakelmotor want die is goedkoper in onderhoud dan een automaat. Wij rijden op een Honda en Suzuki maar dat heeft niets te maken met ons imago. Toen wij onze tweewielers hebben aangeschaft wisten wij nog helemaal niks van de Balinese motorstatus. Voor ons is een motor een motor…als ie maar rijdt!

zaterdag 14 juni 2014

de "vette" brandstof

Brandstof is een vet gesubsidieerd goedje in Indonesië. De meeste auto’s rijden op benzine. Er rijden ook personenauto’s op diesel maar dat zijn er weinig. Het overgrote deel van de diesel wordt opgeslurpt door de autobussen en vooral de trucks. Doordat ze een vette zwarte walm achterlaten verraden zij op welke brandstof er gereden wordt. Als de truckchauffeur terugschakelt om met zijn weinige vermogen een molshoop op te geraken en op dat zelfde moment hangt er een motorrijder achter, die net op het punt staat 'm in te halen, dan wordt het leven van deze motormuis met een aantal jaren verkort door die vette rookpluim in te ademen. De benzine en de diesel kosten beide RP 6.500 en dat is omgerekend zo’n 40 eurocent per liter. En dan is er toch niet echt sprake van een vette prijs. In de motoren en de sekuters wordt dezelfde Premium benzine getankt als voor de auto’s. Er is wel een betere en schonere benzine, Pertamax, op de markt maar die wordt weinig getankt omdat ie 2x zo duur is als de Premium. Als er een voorraad is zal de uiterste verkoopdatum (als ie bestaat voor brandstof) nauwkeurig in de gaten moeten worden gehouden want veel zal er niet verkocht worden. Een vette opbrengst van deze superbenzine kunnen ze bij de pomp wel vergeten. Tanken voor de prijs van 40 cent is voor ons buitenlanders nog een feestgevoel. Wij moeten er niet aan denken dat we voor een tankbeurt 100 euro of zo moeten neertellen. Wel belangrijk hier bij de pomp is dat je in de gaten moet houden of de teller bij het begin van de tankbeurt op 0 staat want ze zijn altijd op zoek naar een extra zakcentje. Als wij naar Denpasar rijden dan passeren we diverse tankstations die allemaal de naam van Pertamina dragen. De meeste hebben een paal staan met de prijzen van de benzine en de diesel vermeld. Er zijn er ook een paar die op deze paal meer vermeld hebben dan de benzineprijzen. Er is er zelfs één die "elpiji" in de verkoop heeft. Het staat op dat bord, zonder vermelding van een prijs. Welke brandstof? Zeg het hardop en je denkt dat het autogas is. Nou mooi niet want ze bedoelen hiermee flessen butagas om bijv. op te koken. Maar volgens mijn oude buurman Jan schijnen er ook auto's op het gasgoedje op Bali rond te rijden want hij heeft wel eens zo'n tankauto gezien. Pertamina is de staatoliemaatschappij en daardoor ook gemakkelijk te subsidiëren. De overheid draagt vet bij om de armen ook een kans te geven te rijden op hun enige vervoermiddel… de motor. Andere "buitenlandse" oliemaatschappijen krijgen hier geen poot aan de grond en die zijn natuurlijk ook nooit bereid om de brandstof tegen deze lage prijzen te verkopen.
Hopelijk blijft de brandstof hier voorzien van een vette subsidie zodat wij nog steeds met plezier naar de pomp gaan en weer glimlachend kunnen wegrijden. Selamat jumpa....tot de volgende tankbeurt!

zondag 1 juni 2014

Het mobieltje

Het is hier op Bali niet anders dan elders in de wereld. Zonder mobieltje geen leven. 
Wij hadden vroeger geen telefoon en de buurman was de enige in de straat die ‘m wel had. Zo’n zwarte bakelieten met een draaischijf. Je moest erbij blijven staan want hij hing...in de gang. Soms wilden of moesten wij wel eens bellen en dan lagen we een kwartje bovenop het toestel. Bedank, buurman! Later kregen wij thuis wel telefoon maar dat ding moest wel zo veel mogelijk uit het zicht staan. Dus kwam ie in de kast op een onmogelijke plek. De enige manier om te bellen was gaan zitten op de leuning van de stoel van mijn vader en dan met het hoofd naar beneden bellen want de draad moest zoveel mogelijk uit het zicht zijn. Maar gelukkig in die tijd belden we niet vaak dus was het ongemak ook niet echt groot. Weer later werd het draaischijftoestel vervangen door een druktoetsenapparaat. Dat zag er wat strakker uit en dus mocht ie ook op een andere plek staan. Op een tafeltje naast de bank, dat belde een stuk fijner moet ik toegeven. En toen ging de tijd snel…de pc uit het privéPC-project van mijn werk kwam eraan. Dus stond er ineens een computer op de eettafel want dat was de enige plek waar ie de ruimte had. De printer er ook nog bij en de tafel was multifunctioneel gemaakt. Eten, krant lezen met de kat erbovenop en dus computeren. Erg traag dat ding maar toch….de toekomst had een nieuwe weg ingeslagen. En later kwamen de eerste mobiele telefoons met nog lang geen landelijke dekking. KPN was de eerste waarbij je in het gehele Holland kon bellen. 
Maar eerst hadden we nog de eerste autotelefoons…je weet wel zo’n grote bak tussen de voorstoelen en een grote sprietantenne op de achterklep van de auto. Mijn eerste mobieltje was bij de provider BEN……geen landelijke dekking maar ik woonde in Utrecht en dat ging aardig totdat ik naar Zwolle moest en toen was het gedaan. Dan toch maar weer bij het pompstation bellen want soms was dat nodig.

Waar je ook komt hier op Bali of elders in Indonesië…iedereen loopt met een mobieltje. Bellen doen ze nauwelijks….alleen maar sms-sen want dat is bijna gratis. Dus waarom bellen als dat duurder is. De afgelopen maand hebben we een reis gemaakt over een eilandengroep en overal dat mobieltje. We zaten met een mannetje of twaalf in een bus en daarvan hadden er tien het mobieltje stand-by in de hand want stel je voor dat er een sms’je binnenkomt en je zal het missen. De enige twee zonder de hand gevuld met dat ding waren wij. Bij ons zat ie gewoon in de tas met het risico dat we ‘m niet kunnen horen door de kogelharde bassmuziek. Nou jammer dan…morgen is ie de eerste.  Overal zie je ze met dat mobieltje…in de auto…op de motor…achterop de motor…geklemd tussen de helm….De enige plek waar ze dat ding niet gebruiken is in zee tijdens het badderen. Maar als het waterdichte exemplaar zijn intrede gaat doen is dat ook verleden tijd.

En iedereen komt één hand tekort want we hebben er toch twee om met die twee allerlei dingen vast te pakken. Hier op Bali hebben de meesten meerdere nummers want dan is de spreiding zo gemakkelijk. Ze hebben vrienden en vrienden.. De ene mag dat nummer bellen en de andere dat. En als er weer een aanbieding komt dan nemen weer een ander nummer want dan kunnen ze weer enige tijd gratis berichtjes versturen. En dan het liefst met een BlackBerry want anders hoor je er niet bij.

zaterdag 26 april 2014

het brilletje

Sommigen dingen vallen op maar er zijn er ook die niet opvallen behalve als je er op gaat letten. In de westerse wereld draag 6 op de 10 mensen een bril. Een deel daarvan is niet brildragend maar heeft contactlenzen in. Het is een modeartikel waar opticiens graag op in spelen. Elk halfjaartje een nieuwe bril en daarmee een nieuwe look voor jezelf geeft een blij gevoel. Combineer dat met een nieuw kapsel en andere kleding en je gaat weer als herboren over straat.  In de wereld van stress en geen tijd geeft deze periodieke verandering een nieuwe impuls aan het zelfvertrouwen wat veel  westerse mensen blijkbaar nodig hebben. Vroeger was het een noodzakelijk kwaad en het moest vooral een degelijke en langmeegaande functionele bril zijn. Zoals het flexibele ziekenfondsbrilletje om mee te sporten en te dragen in de toen nog verplichte militaire dienst. Na een ongevalletje kosteloos terug te buigen in de enigszins oorspronkelijke vorm.

Hier op Bali is het toch anders zoals vele dingen anders zijn. Hier dragen er veel minder mensen een bril. Ze kennen hier geen ziekenfonds laat staan het bijbehorende brilletje. De lenzen zijn alleen maar weggelegd voor de rijkere Balinezen die zich lelijk voelen met een bril op de neus. Dat wil niet zeggen dat ze ‘m niet nodig hebben. Het is vaak of bijna eigenlijk een kwestie van geld want een bril kost Roepia’s  en dat hebben ze niet of ze hebben het er niet voor over. Dan maar wat minder scherp zicht. Lopend over straat en om me heen kijken zie ik eigenlijk weinig mensen met een brilletje op neus. Het is wel helemaal afhankelijk waar ik dan ben. Bijvoorbeeld op de markt zijn er echt heel weinig brildragend of het moet iemand zijn die nog 2 bodems had liggen van een jampot.  Die ziet dan ook echt niets wat ie verkoopt. Kom je in de wat duurdere gelegenheden zoals shoppingmalls dan zie je toch meerdere brildragenden. Maar het is hier zeker geen modeverschijnsel. Het blijft dan toch een noodzakelijke ding om beter te kunnen zien wat hij of zij doet. Wij weten wel zeker dat hier in het dorp mensen rondlopen die niet 100% de wereld kunnen bekijken. 
En dat zijn er meer als dat wij eerst dachten. Anderhalf jaar geleden was hier een metselaar aan het werk die ik regelmatig betrapte op  werk dat volgens mijn ogen een "scheetje beef" was. Hij werkte zonder waterpas wat al niet echt handig is en hij stond vaak te turen. Ik heb toen een waterpas voor hem aangeschaft om recht te kunnen werken. Toch wel handig. Het bleek niet de juiste oplossing want weer zag ik het scheef mede omdat ik voorzien ben van een timmermansoog. Toen ik aan hem aan het einde van de dag vroeg of ie wel eens aan een bril had gedacht vertelde hij dat ie er al eentje had. Ik vroeg: “waar is ie dan, niet op je neus waar die behoort te staan”. Toen haalde hij een in tweeën gebroken bril uit zijn broekzak met een opmerking:” zie je wel dat ik een bril heb”.  Lachend was ik uitgeluld en hij ging lachend naar huis. “sampai besok, hari baru” (tot morgen, een nieuwe dag). Het is allemaal goed gekomen, ook het metselwerk. En de laatste keer dat ik 'm zag droeg ie nog steeds geen (nieuwe) bril.

zaterdag 19 april 2014

Vrolijk Pasen

De inspiratie om te schrijven krijg van de dingen die om me heen gebeuren en ook niet gebeuren. Logisch! Gisteren las ik in de krant onderstaand artikel waarin staat dat Goede Vrijdag steeds meer een gewone werkdag wordt.
Goede Vrijdag wordt steeds meer een gewone werkdag. Nog maar 10 procent van de bedrijven geeft het personeel vandaag vrij, blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau Q&A. Twee jaar geleden was dat nog 16 procent. Volgens de Algemene Werkgevers Vereniging is er veel aan de hand met de vrije dagen. "We zien dat bij veel cao-besprekingen vrije dagen worden ingeleverd in ruil voor bijvoorbeeld extra loon", zegt een woordvoerder. "Er is veel aan het schuiven."
Vakantieoverschot
Voor werkgevers is het aantrekkelijk om het aantal vrije dagen in de cao terug te dringen, omdat veel bedrijven last hebben van vakantiestuwmeren. Werknemers hebben dan een groot overschot aan vakantiedagen. "Dat kost bedrijven geld en daar willen ze van af, dus is het aantrekkelijk om dagen zoals Goede Vrijdag, maar ook Hemelvaartsdag niet meer als vrije dag te zien", stelt de werkgeversvereniging.
Hier op Bali is het juist andersom; het wordt steeds meer een dag van niet werken.
In Holland is het Pasen en staat er vier dagen niet zo heel veel te gebeuren behalve het zoeken naar de beschilderde eieren, het bezoeken van festivals en het luisteren naar de Matthäus Passion van Bach. En natuurlijk niet te vergeten de massale traditionele gang op Tweede Paasdag naar de Meubelboulevard alsof er geen andere mogelijkheden zijn om deze extra vrije dag te vullen.
In ons vorige leefland is het anders. In het katholieke Spanje is het de Heilige Week of Goede Week. De belangrijkste geloofsperiode van het jaar. Vanaf Witte Donderdag t/m Paasmaandag is het “Semana Santa”. De straten worden gesierd met vele processies en de stoepen worden gesierd met veel nieuwsgierigen waaronder heel veel toeristen.
Hier op Bali is het anders. Op het Godeneiland woont  het merendeel Hindoes en inmiddels ook veel Moslims. Vooral in West-Bali waar wij wonen want dat is dichtbij Java wat volledig moslim is. Indonesië is tenslotte het grootste moslimland ter wereld. Maar dat anders is toch anders als dat wij dachten.

Hier geen Pasen….want dat is toch een Christelijk feest. Nou neen het is toch iets anders. Gisteren op de hier normale vrijdag waren de banken en veel andere instellingen en ook winkels zoals Telkomsel “gewoon” gesloten.  Op het strand was het veel drukker dan normaal. Toch maar even nagevraagd of Goede Vrijdag niet toevallig op dezelfde dag valt met een lokale ceremoniedag. “Nee hoor”!! het is toch Goede Vrijdag en dan werken we niet! Altijd op zoek naar een manier of een reden om niet te hoeven werken.  In het huidige leven is het creëren van vrije tijd ook een kwaliteit!  En natuurlijk wonen er ook Christenen op Bali maar dat zijn er echt heel weinig. Het is een kwestie van tijd en wij kunnen de moderne “Passion” van nu meemaken in de moderne tempel van nu volgepakt met de moderne Balinese Hindoes van nu. Als ze maar vrij kunnen zijn en als er maar voldoende Roepias in de zak van de priester terechtkomen.  
Wij wensen jullie allemaal een Vrolijk  Pasen en geniet van de extra vrije dagen nu het nog kan.