“Het miljoenenbal”
Het is tegen zessen als ik na een koppie thee met honing de schoenen aanveter om te gaan stiefelen. Naast een flesje water en twee banaantjes stop ik altijd een briefje van RP 100.000 in mijn buidel. Je weet maar nooit onderweg. Terwijl ik dat doe moet ik weer denken aan twee dagen terug aan mijn bezoek aan de BCA Bank. Ik kom daar weinig maar nu moest ik wel omdat mijn bankpas bijna is verlopen. Omdat ik vertraagd was op de markt liep ik de bank pas binnen om kwart over 8. “Customerservice no. 6 is mijn nummertje. Omdat ik een bankverleden heb kijk ik nogal nieuwsgierig om me heen en dat maakt me niet echt vrolijk. Er bevinden zich twee desks en beiden niet bemand omdat deze dames met andere dingen bezig zijn. Na anderhalf uur, 4 x een handtekening, een gezichtsscan met een betaling van RP 20.000 (1 euro) stapte ik vermoeid van het wachten met een nieuwe bankkaart voor 4 jaar weer naar buiten. Het is een klein kantoor volgepropt met hard- en software. Tijdens het wachten in dit ijskoude bankonderkomen hoorde ik regelmatig het klapperen van miljoenen aan bankbiljetten door de telmachine. Indonesië is nog steeds grotendeels een cashland. Aangezien het grootste biljet RP 100.000 (5 euro) is worden er flink wat stapels van die rode flappen door de machine gejaagd. Men spreekt hier vaak over miljoenen en dat lijkt heel groot en veel maar dat is het niet want 1 miljoen (juta) is gelijk aan 1 briefje van 50 euro en daar doe je niet veel meer mee in het Hollandse. Hier doe je er wel wat meer mee ondanks dat het leven hier ook sneaky duurder wordt. De schoenen zitten goed en de sokken opgetrokken dus ga ik op pad de natuur in. De zon steekt boven de pisangbomen uit en dat geeft een prettige natuurambiance. Onderweg zie ik niet veel nieuws maar de mensen die ik ontmoet zijn erg vriendelijk. Na bijna 11 km over asfalt loop ik nog 2 km over het strand langs de kabbelende opkomende zee terug naar huis. Tijd voor de koffie en het zwembad.