Zondag geen wandeling maar gisteren wel een treinreis naar Surabaja. Om naar het erg drukke Soerabaja te kunnen moeten we eerst met de ferrie de oversteek maken naar Ketapang op Java. Terwijl ik weer geniet van het Balinese leven om ons heen denk ik aan de mensen die erg vriendelijk zijn maar ook vaak zo lamlendig. Na het ferrieongeluk van 2 maanden geleden zijn er meerdere gammele ferries uit de vaart genomen. Daarvoor in de plaats zijn er twee nieuwere boten uit China ingevaren. We lopen naar de steiger om aan boord te gaan en zien daar een enorme roestbak liggen. Is dat onze boot? Jazeker! Waar is de nieuwe boot? Die ligt aan de overkant maar niet in de vaart. Wat nieuw is willen ze nieuw houden! Gelukkig is de zee erg kalm en maken we ons geen zorgen maar we zijn wel blij dat we de overkant hebben bereikt. En als je dan denkt dat de veiligheid is verscherpt dan hebben we het mis. Te lamlendig om de opgang vrij te houden, men kan niet van boord omdat de motors strak voor de trap staan geparkeerd. Niks van geleerd! We lopen in 10 minuten van de haven naar het station. De trein vertrekt om 11.00 uur en doet er 6 uur over. Oh ja, nog even over lamlendigheid geschreven: ze zijn ook te lamlendig om 50 meter te lopen, dan nemen ze de motor. Te lamlendig om hun voeten op te tillen, ze sloffen altijd. Te lamlendig om in de trein het geluid van hun smartphone uit te zetten, een dag zonder geluid en herrie is een dag niet geleefd. Te lamlendig om goed uit hun doppen te kijken en daardoor op de verkeerde stoel in de trein te gaan zitten. Te lamlendig om de klep van het bagagevak in de trein te sluiten. Maar dat ligt toch even anders. Ze laten de klep open staan zodat de koude lucht uit de AC niet direct naar beneden wappert op het hoofd van de passagier. Nu komt dat via de klep in het gangpad. Niet lamlendig dus maar wel slim. Maar ze zijn wel te lamlendig om op straat naar een vuilnisbak te lopen, dus laat maar vallen. Dit doen ze gelukkig niet in de trein, hier halen ze keurig het afval op. Ook vaak te lamlendig om een helm op te zetten, veiligheid staat niet voorop. Te lamlendig om rekening te houden met de medemens, ze zetten hun motor neer zonder om zich heen te kijken of het wel een juiste en veilige plek is voor anderen. Maar ze zijn altijd of bijna altijd erg vriendelijk en behulpzaam vooral als ze wat Roepia’s toegeschoven krijgen want geld is belangrijk, wat ze vandaag verdienen geven ze vandaag uit want deze roepia’s branden in hun zakken. Te lamlendig om wat flappen te sparen voor morgen. Met deze gedachten en een dikke glimlach wandelen we naar een coffeeshop in de buurt van het treinstation in Surabaja. Het klinkt allemaal negatief maar zo bedoel ik het zeker niet want dit is gewoon Indonesië waar wij te gast zijn. Dit zijn gewoon met respect de Indonesiërs We zetten onszelf op een stoel en zijn gelukkig niet te lamlendig om ons bakkie cappuccino op te tillen en te drinken.
Your language
Het weer op Bali
Wie zijn wij?
Wij zijn Henk en Jacqueline en wonen sinds 2012 op Bali. Wij gaan graag op ontdekkingsreis in Indonesie en andere landen in Azie
Welkom op ons blog
Choose your language, Google translate on the left side
Translate our blog in your language
TAB Indeling
Aantal pageviews t/m vandaag
Totaal aantal pageviews t/m vandaag
Hot news
Translate our blog in your language
dinsdag 26 augustus 2025
woensdag 20 augustus 2025
De imker
De figuurlijke stofwolken van de onafhankelijkheidsviering zijn weer opgetrokken. Echte stofwolken zijn nergens te bekennen die zijn weggespoeld door de hevige regen van gisteren. Het is nog donker en ik kan niet zien hoe de lucht is. Na 2 km als ik het wel kan zien, sta ik voor de keuze of de wandeling afbreken of doorgaan. De lucht is gevuld met dikke donkergrijze wolken. Ik neem het risico een plensbui op mijn grijze dak te krijgen. En dat gebeurt gelukkig niet…het klaart op. Op de achtergrond hoor ik een hindoegebed. Het is een overlijdensceremonie. Het bidden van de priester wordt begeleid door fluitende vogels en een blaffende hond. Ik loop verder en zie een geplastificeerd dekzeil hangen met de tekst “Jijual tanah” (grond te koop). Dat doet me denken aan de onroerend goed markt hier op het vals plat-teland. Die is hier wel maar je ziet er heel weinig van. Een huis staat niet te koop, wel de grond en dan krijg je het huis erbij. Maar heel af en toe hangt er zo’n zeil. Het onroerend goed gaat hier van vader op zoon dus geen verkoop. De zoon trouwt en gaat met zijn vrouw op het erf van zijn vader en moeder wonen. Dus wordt er niet verkocht. Het is anders als er geen zoon is. Als er grond te koop komt dan slaan ze 10 keer op 2 bamboestokken en de buurt weet het. De tamtam zorgt er wel voor dat men te weten komt waar en van wie. Het ophangen van een te-koop-zeil is een soort wanhoopspoging als het niet lukt. Deze zeilen hangen er dus een lange tijd wat duidelijk zichtbaar is want dan hangen ze scheef of ze zijn ingezakt door de regen. Maar meestal is het een stille verkoop zonder enige vorm van makelaardij dat er gewoon niet is. Ik loop verder en ontmoet weer leuke bijzondere en erg aardige mensen. Één ervan is de imker die de bijenkasten verlost van de honing. Blootsvoets sjouwt hij met zijn plastic flessen van kast naar kast. Ik steek de hoofdweg over langs een politiepost. Ik groet en ik zie twee politiemensen die genieten van een luizenbaantje met hun pensioen in het vooruitzicht. Een pensioen die alleen overheidsluitjes zoals agenten en leraren ontvangen. Voor Jan met de flipflops is dit een droom die nooit uitkomt. Die werken, als ze al werken, totdat ze er bij neervallen.
| De imker |
zondag 17 augustus 2025
De muts van Jan Klaassen
Vandaag is het 17 augustus. “Independenceday”. Het is precies 80 jaar geleden dat Soekarno en zijn rechterhand Hatta, Indonesië onafhankelijk verklaarde en hiermede het startsein gaf van de Republiek en daarmee het einde van de Hollandse Kolonisatie. Dit gaat tot met gisteren gepaard met veel festiviteiten zoals parades, koekhappen en zaklopen. Wezens van mijn generatie, toen nog zonder smartphone, kennen dat nog wel. Het is een deel van het Nederlandse erfgoed wat hier is achtergebleven. Vandaag is het de officiële dag, een dag van toespraken en de vlag hijsen. Het is een dag die gevierd wordt dat de Indonesiers hun land weer hebben teruggekregen. En terecht! Voor de Hindoebevolking is het ook een grote ceremoniedag in de tempels. Ik loop via het dorp de heuvels in en zie bij elk huis een offerprieeltje staan met bamboetralies. Naast de Indonesische tweekleur met bovenop de muts van Jan Klaasen, en dan bedoel ik Jan van Katrijn. Ook wezens uit mijn generatie. Zijn de bamboespijlen een gevangenschapsteken van het koloniale tijdperk? Het zal toch niet? Nee natuurlijk niet, het is gewoon een onderdeel van dit offerhuisje. Het bamboe hekwerkje zorgt ervoor dat de gelegde offertjes veilig zijn voor de rondscharrelende kippen en ander hongerig gedierte wat op zoek is naar eten want in de offertjes zit vaak rijst, een banaan en een gekookt ei. Terwijl ik me bijna verslik in een slok water, vallen de dauwdruppels op de grote bladeren van de vele bananenplanten. Ik nader de Robbas-heuvel. Een venijn met gescheurd beton. De betekenis van de naam van dit pad weet minder dan één handvol mensen. Ik steek de hoofdweg weer over op weg naar huis. Ondanks het valse plat gaat het pasritme toch iets omhoog omdat de geuren van de wachtende appeltaart mijn neusgaten bereikt. Via het strand, het is laag water, ben ik na bijna 16 km weer thuis. Het was weer een mooie wandeling op een bijzondere dag.
maandag 11 augustus 2025
Kelompok
Het is bijna weer 17 augustus als de bevrijding van Indonesië wordt herdacht en gevierd. Deze feestdag gaat elk jaar gepaard met parades door jong en oud. Daarover volgende week meer. Vanmorgen na 5 km loop ik het dorp Melaya binnen en zie dat de hoofdstraat al volledig is versierd met roodwitte vlaggetjes en ander feestmateriaal. Ik loop onder een boog door waarop een bord gespijkerd zit met de naam “Kelompok” Dit doet me denken aan het klompenhok van mijn oma Sanna en mijn opa Henk. Vroeger mocht ik altijd spelen in hun klompenhok dat aan hun huisje op Strijensas was geplakt. Niet minder dan ongeveer 7000 woorden in de Indonesische taal zijn afgeleid of zijn hetzelfde uit de Nederlandse taal. Het mooiste voorbeeld vind ik het woord “Knalpot”. Maar “Kelompok” heeft niets te maken met klompen want die kennen ze hier niet. “Kelompok” betekent een groep bewoners van de “Banjar” wat wijk van het dorp betekent. De festiviteit en het versieren van de straat is verzorgd door Kelompok no. 8. Dat geeft al aan dat er meerdere groepen zijn. In het begin van mijn wandeling van vandaag als ik na 2 km het strand verlaat dan loop ik een Moslim visserswijk binnen en daar is ook een “Kelompok”. Het bord geeft aan dat hier door een groep een administratie (Sekretariaat) bijgehouden wordt maar wat en hoe weet ik niet. Het zal wel met het vissen te maken hebben. Het is 9 uur als ik goed ga merken dat het al warmer wordt. De luchtvochtigheid gaat omhoog en dat betekent dat we weer richting de regentijd gaan. Het zweet gutst van mijn voorhoofd, mijn rug is zeiknat en dus besluit ik richting huis te gaan. Na bijna 19 km is het weer mooi geweest. De hoogste tijd om mijn lichaam af te koelen en de beenspieren te ontspannen in het sprankelende zwemwater van 31 graden.
zondag 3 augustus 2025
Maya de Bij
Vandaag neem ik ‘m met het buitenkantje, en dan bedoel ik ‘m niet van “De Kromme” (Dutch footballplayer with crooked legs) maar m’n wandelgebied. Het strand laat ik rechts liggen. Ik ben nog maar net van huis als ik bij het pad langs het dichte groen een gesuis hoor. Het is nog een beetje donker dus ik zie het niet goed. Het is een motorrijder die de heuvel af komt met de motor en dus ook de lichten uit. Eenmaal beneden start hij zijn gemotoriseerde tweewieler en rijdt verder. Elke druppel benzine telt! Ik beweeg me door de onveranderd mooie natuur. Terwijl ik mijn eerste van de drie banaantjes naar binnenwerk na 8 km, zie ik een houten bakje met een zinken dakje in een boom hangen waarvan ik inmiddels weet dat het een bijenkastje is. De deur staat open, ik roep “selamat pagi” maar Maya is niet thuis. Ik loop verder. Even verder passeer het dorpje Pecatu Sari met rechts van mij prachtige rijstvelden. Aan de linkerkant staan cacaobomen. De laatste kilometers zijn lastig. Vooral de PeterBoogertklim is een kuitenbijter. Na 19 km is het weer mooi geweest en duik ik in het zwembad
| De PeterBoogertklim |
| De Kromme |
| Cacao |
| De rijstvelden van Pecatu Sari |
| Het onderkomen van May de Bij |