zaterdag 26 april 2014

het brilletje

Sommigen dingen vallen op maar er zijn er ook die niet opvallen behalve als je er op gaat letten. In de westerse wereld draag 6 op de 10 mensen een bril. Een deel daarvan is niet brildragend maar heeft contactlenzen in. Het is een modeartikel waar opticiens graag op in spelen. Elk halfjaartje een nieuwe bril en daarmee een nieuwe look voor jezelf geeft een blij gevoel. Combineer dat met een nieuw kapsel en andere kleding en je gaat weer als herboren over straat.  In de wereld van stress en geen tijd geeft deze periodieke verandering een nieuwe impuls aan het zelfvertrouwen wat veel  westerse mensen blijkbaar nodig hebben. Vroeger was het een noodzakelijk kwaad en het moest vooral een degelijke en langmeegaande functionele bril zijn. Zoals het flexibele ziekenfondsbrilletje om mee te sporten en te dragen in de toen nog verplichte militaire dienst. Na een ongevalletje kosteloos terug te buigen in de enigszins oorspronkelijke vorm.

Hier op Bali is het toch anders zoals vele dingen anders zijn. Hier dragen er veel minder mensen een bril. Ze kennen hier geen ziekenfonds laat staan het bijbehorende brilletje. De lenzen zijn alleen maar weggelegd voor de rijkere Balinezen die zich lelijk voelen met een bril op de neus. Dat wil niet zeggen dat ze ‘m niet nodig hebben. Het is vaak of bijna eigenlijk een kwestie van geld want een bril kost Roepia’s  en dat hebben ze niet of ze hebben het er niet voor over. Dan maar wat minder scherp zicht. Lopend over straat en om me heen kijken zie ik eigenlijk weinig mensen met een brilletje op neus. Het is wel helemaal afhankelijk waar ik dan ben. Bijvoorbeeld op de markt zijn er echt heel weinig brildragend of het moet iemand zijn die nog 2 bodems had liggen van een jampot.  Die ziet dan ook echt niets wat ie verkoopt. Kom je in de wat duurdere gelegenheden zoals shoppingmalls dan zie je toch meerdere brildragenden. Maar het is hier zeker geen modeverschijnsel. Het blijft dan toch een noodzakelijke ding om beter te kunnen zien wat hij of zij doet. Wij weten wel zeker dat hier in het dorp mensen rondlopen die niet 100% de wereld kunnen bekijken. 
En dat zijn er meer als dat wij eerst dachten. Anderhalf jaar geleden was hier een metselaar aan het werk die ik regelmatig betrapte op  werk dat volgens mijn ogen een "scheetje beef" was. Hij werkte zonder waterpas wat al niet echt handig is en hij stond vaak te turen. Ik heb toen een waterpas voor hem aangeschaft om recht te kunnen werken. Toch wel handig. Het bleek niet de juiste oplossing want weer zag ik het scheef mede omdat ik voorzien ben van een timmermansoog. Toen ik aan hem aan het einde van de dag vroeg of ie wel eens aan een bril had gedacht vertelde hij dat ie er al eentje had. Ik vroeg: “waar is ie dan, niet op je neus waar die behoort te staan”. Toen haalde hij een in tweeën gebroken bril uit zijn broekzak met een opmerking:” zie je wel dat ik een bril heb”.  Lachend was ik uitgeluld en hij ging lachend naar huis. “sampai besok, hari baru” (tot morgen, een nieuwe dag). Het is allemaal goed gekomen, ook het metselwerk. En de laatste keer dat ik 'm zag droeg ie nog steeds geen (nieuwe) bril.

vrijdag 25 april 2014

een zeer giftige slang


Vanmiddag liepen wij op het strand en vonden daar een reeds gedode groene slang. 
Het is de gevaarlijke "Green Pit Viper". Dit is de enige groene slang, voorkomend op Bali, die een dodelijke beet heeft. Deze slang heeft een brede driehoekige kop met warmte sensoren aan beide zijden die hij gebruikt bij het jagen en een rode gekleurde staart. De slang is vrij kort, niet meer dan één meter. De kop wordt gescheiden van het vrij dikke lichaam middels een smalle hals. Na een beet zijn de symptomen hoofdpijn, misselijkheid, stuipen, diaree en duizeligheid. Het gif veroorzaakt overmatig bloeden en bloedstolling. Zover bekend is er geen anti-serum beschikbaar op Bali maar met een snelle behandeling is de beet zelden dodelijk. Zonder behandeling is de kans op overlijden 10%.





zaterdag 19 april 2014

Vrolijk Pasen

De inspiratie om te schrijven krijg van de dingen die om me heen gebeuren en ook niet gebeuren. Logisch! Gisteren las ik in de krant onderstaand artikel waarin staat dat Goede Vrijdag steeds meer een gewone werkdag wordt.
Goede Vrijdag wordt steeds meer een gewone werkdag. Nog maar 10 procent van de bedrijven geeft het personeel vandaag vrij, blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau Q&A. Twee jaar geleden was dat nog 16 procent. Volgens de Algemene Werkgevers Vereniging is er veel aan de hand met de vrije dagen. "We zien dat bij veel cao-besprekingen vrije dagen worden ingeleverd in ruil voor bijvoorbeeld extra loon", zegt een woordvoerder. "Er is veel aan het schuiven."
Vakantieoverschot
Voor werkgevers is het aantrekkelijk om het aantal vrije dagen in de cao terug te dringen, omdat veel bedrijven last hebben van vakantiestuwmeren. Werknemers hebben dan een groot overschot aan vakantiedagen. "Dat kost bedrijven geld en daar willen ze van af, dus is het aantrekkelijk om dagen zoals Goede Vrijdag, maar ook Hemelvaartsdag niet meer als vrije dag te zien", stelt de werkgeversvereniging.
Hier op Bali is het juist andersom; het wordt steeds meer een dag van niet werken.
In Holland is het Pasen en staat er vier dagen niet zo heel veel te gebeuren behalve het zoeken naar de beschilderde eieren, het bezoeken van festivals en het luisteren naar de Matthäus Passion van Bach. En natuurlijk niet te vergeten de massale traditionele gang op Tweede Paasdag naar de Meubelboulevard alsof er geen andere mogelijkheden zijn om deze extra vrije dag te vullen.
In ons vorige leefland is het anders. In het katholieke Spanje is het de Heilige Week of Goede Week. De belangrijkste geloofsperiode van het jaar. Vanaf Witte Donderdag t/m Paasmaandag is het “Semana Santa”. De straten worden gesierd met vele processies en de stoepen worden gesierd met veel nieuwsgierigen waaronder heel veel toeristen.
Hier op Bali is het anders. Op het Godeneiland woont  het merendeel Hindoes en inmiddels ook veel Moslims. Vooral in West-Bali waar wij wonen want dat is dichtbij Java wat volledig moslim is. Indonesië is tenslotte het grootste moslimland ter wereld. Maar dat anders is toch anders als dat wij dachten.

Hier geen Pasen….want dat is toch een Christelijk feest. Nou neen het is toch iets anders. Gisteren op de hier normale vrijdag waren de banken en veel andere instellingen en ook winkels zoals Telkomsel “gewoon” gesloten.  Op het strand was het veel drukker dan normaal. Toch maar even nagevraagd of Goede Vrijdag niet toevallig op dezelfde dag valt met een lokale ceremoniedag. “Nee hoor”!! het is toch Goede Vrijdag en dan werken we niet! Altijd op zoek naar een manier of een reden om niet te hoeven werken.  In het huidige leven is het creëren van vrije tijd ook een kwaliteit!  En natuurlijk wonen er ook Christenen op Bali maar dat zijn er echt heel weinig. Het is een kwestie van tijd en wij kunnen de moderne “Passion” van nu meemaken in de moderne tempel van nu volgepakt met de moderne Balinese Hindoes van nu. Als ze maar vrij kunnen zijn en als er maar voldoende Roepias in de zak van de priester terechtkomen.  
Wij wensen jullie allemaal een Vrolijk  Pasen en geniet van de extra vrije dagen nu het nog kan.

vrijdag 11 april 2014

Wat trekken we aan?

Nog niet zo lang geleden stond ik peinzend voor de kast. Wat trek ik aan vandaag? Welk pak, welk overhemd, korte of lange mouw en natuurlijk de moeilijkste keuze: de stropdas. Dat is verleden tijd “ tempo doeloe” want nu is het anders. En daar geniet ik van. Nu liggen er in de kast 2 stapeltjes, ééntje met t-shirts en ééntje met korte broeken. Elke dag neem ik het bovenste shirt van de stapel zonder te kijken naar de kleur of het design. Met de korte broek doe ik een aantal dagen langer. De stapel is groter dan zeven shirts dus de kans is groot dat het onderste shirt niet aan de beurt komt. Daarom is het zorg dat de stapel op zijn tijd ondersteboven gekeerd wordt zodat ik weer eens een ander shirt draag. Het verversen van de stapel is niet zó eenvoudig omdat mijn maat ergens tussen de L en de XL ligt. Large is te doen maar in dit zweterige klimaat niet echt prettig. Het vinden van een XL is een tijdrovende zaak en in Negara schielijk ondoenbaar. Een extra-large draagt wat ruimer. Maar bij gebrek aan de grotere maat doen we het maar met de L. Zonder te snuiven onder de oksels pak ik elke avond na het badderen een schoon exemplaar van de stapel. Deze manier van kleden past volledig in het Balinese straatbeeld. De kleur, vaal of helder, wel of geen opdruk en de combinatie is geheel onbelangrijk. Wel is me inmiddels duidelijk geworden dat een deel van de Balinezen vergeet te sniffen aan het shirt wat gisteren is gedragen. Als een blindganger trekken ze dat shirt nog maar een dag aan. Vanmorgen weer zo’n voorbeeld op de markt. Ben ik een trossie bananen (pisang marlin) voor onze vogel aan het kopen op de pasar komt er een heel aardige man naast me staan en vraagt waar ik vandaan kom……nog geen drie tellen later kwam ik in aanraking met de zure geur van zijn body en het shirt wat de man blijkbaar langer dan één dag om het lijf had.  Zonder te vertellen waar ik woon heb ik mijn bananen afgerekend en heb me rap uit de benen gemaakt. Hiermede wil ik niet alle Balinezen over één en dezelfde kam scheren maar het komt me te vaak voor. Of wellicht heb ik de pech regelmatig deze uitzonderingen tegen te komen. Dat zou zo maar kunnen.
En natuurlijk zijn er de diverse gekleurde geüniformeerden  zoals politie en andere ambtenaren. Die bewaren hun vale t-shirtje voor in de avonduren of andere niet werkende momenten van de dag.
Naast het stapeltje t-shirts en korte broeken hangen de wat betere polo’s in onze kast aan bamboe knaapjes. Deze shirts gebruik ik bij gelegenheden buiten de deur. Als ik dat deel van de kast opentrek zie ik deze shirts met een hangend verlangende blik kijken van “wanneer wordt ik weer eens aangetrokken?”. Dat geeft al aan dat die gelegenheden sporadisch zijn. Als we een aantal jaren verder zijn zullen deze jongens ongetwijfeld ook vervangen worden maar dan niet van versletenheid maar meer van de westerse gedachte “dat kan echt niet meer!”. Hier kennen ze dat eigenlijk niet want zolang er nog geen gaten in zitten is het niet versleten en dus draagbaar! En dan nog degenen die een shirt met gaten als ventilerend zien en dus wel draagbaar. Maar die hebben gelukkig  bij lange na niet de overhand in het dorpsbeeld.  Twee dagen geleden waren we in Denpasar op bezoek bij vrienden. Een mooie gelegenheid om mijn stapeltje t-shirts te verversen. De winkel “Ramayana” is volgestouwd met Aziatische maatkleding.... eh ik bedoel kleding met Aziatische maten. Eerst maar de L geprobeerd….bij het aantrekken kreeg ik al ademhalingsproblemen…dan de XL wat eigenlijk de goede maat zou moeten zijn…..ook te krap….dan dus de XXL wat in mijn beleving de maat is voor de bovengemiddelde Amerikaanse MacDonaldbezoeker. Het was bijna zoeken naar de bekende speld in de textielberg. Met behulp van de vrouwelijk intuïtie van Jac. en Anjo is na het vorstelijk graaien in veel kledingrekken- en bakken het me gelukt 6 shirtjes XXL te scoren. Op onze eerstvolgende reis zal ik niet meer herkenbaar zijn aan de shirts die ik  tijdens de vorige tripjes droeg. Dat zal soms wel even wennen zijn voor onze volgers. Of misschien ook niet…want eerst moeten de oude op!
mijn ververste stapeltje t-shirts
Maar er zijn ook afwijkingen. Tijdens de vele heilige dagen als men volledig gesoigneerd, naar de tempel gaat draagt men keurige nette schone niet vale ceremoniekledij. En ook toen wij vorige week bij het Kantor Immigrasi waren. Daar mag je alleen naar binnen in een lange broek en een fatsoenlijke shirt.  Ook de flip-flops zijn daar niet toegestaan. Dus het hempie met daaronder de korte “hose” van één of ander sportmerk is  daar“not-done”. 
de vrouwen in k(l)eurige sarongs met cabaja
de mannen in strak gestreken hemden met de sarong

zaterdag 5 april 2014

opgetrokken kruitdampen

De kruitdampen zijn weer opgetrokken. Hari Melasti, Hary Nyepi en de Ogoh Ogoh poppen zijn verbrand, de knalpijpen liggen weer ergens onder een balé of achter het huis tussen de kippen en het varken. Het geld is op. Ook dat nog! We zijn inmiddels een kleine week verder en het “gewone leven” heeft zijn ritme weer hervonden. Zo nodig is men weer aan het werk want de centjes zijn weer gespendeerd aan de belangrijke ceremonies en andere niet belangrijke dingen. De knallen die de omgeving vulden zijn ook weer voorbij en daar is Madé, onze hond, niet rouwig om. Alle Balinese neuzen zijn weer gericht op het leven en overleven. Men denkt alleen aan vandaag en niet aan morgen. Al hoewel…de gedachten gaan toch al weer uit naar de volgende maand want die staat weer bol van de feestdagen met zijn bijbehorende ceremonies. Vanaf 20 mei is het Hari Galungan, dat afgesloten wordt met Hari Kuningan op 31 mei. Voorafgaande moet men veel voorbereiden, dus wordt er weinig energie in andere zaken gestoken.
Als wij een klusje willen laten doen dan is de beste tijd een week vóór Galungan want dan is er behoefte aan geld en zodoende is dan de nodige wil om werken het grootst.
Met de gedachte “met nieuwe moed en oude hekel” gaan ze dan aan de slag. Een uitzondering is ons personeel want die moeten de dagen dat ze niet werken, inhalen op andere dagen. Dus dan beperken ze zoveel mogelijk de dagen van niet werken. Behalve de Nationale Balinese feestdagen, die hoeven ze niet in te halen maar ze doen het vaak wel.
vrolijkheid tijdens een feestdag

Tijdens Galungan doet men niets behalve naar de Pura gaan. Na Galungan is het tijd voor nog meer uitrusten tot Hari Kuningan. Als dan weer het “normale” dorpsleven weer wordt opgepakt zitten we alweer in de maand juni. En juist dat normale leven bestaat ook weer uit de regelmatige familieceremonies. En zo hobbelt het Balinese leven door totdat wij weer kunnen zeggen….goh nog effies en dan zitten we weer aan de oliebollen! Wat gaat de tijd toch snel...té snel.

donderdag 3 april 2014

een Balinese bruiloft (perkawinan)

Vanmorgen ging Jacqueline haar wekelijkse baantjes trekken in het zwembad van Negara. Onderweg in Negara passeerde zij een lokatie waar een bruiloft gaande was. Zij stopte om te kijken en werd direct uitgenodigd binnen te komen. Onder het genot van een drankje heeft zij wat gebabbeld met de aanwezige gasten. Ook werd haar eten aangeboden van het al klaarstaande buffet maar omdat er niemand aan het eten was heeft zij dit afgeslagen én omdat er thuis een heerlijk bord bami goreng stond te wachten.
het bruiloftsttreintjevoor de kinderen

geduldig wachten tot het bruidspaar instapt
het bruidspaar
de ingang van de bruiloftlokatie